 |

de GESCHIEDENIS van M18 tot M71 |
|
Na het uitbreken van de Eerste
Wereldoorlog werd in Zwitserland op 3
augustus 1914 een algemene mobilisatie afgekondigd. Drie divisies
werden opgericht om de grensverdediging te versterken om een mogelijke
overloop van de gevechten op Zwitsers grondgebied te voorkomen. De
introductie van de Stahlhelm door Duitsland, de Adrian door Frankrijk en de Brodie
door Engeland bracht men ertoe om Charles
L'Eplattenier, een patriottische beeldhouwer, te vragen om een
geschikte tegenhanger te bedenken. De verschillende frakties in
Zwitserland gingen aan de gang om met een ontwerp te komen. Tegen 1916 werd de Zwitserse
betrokkenheid bij de oorlog steeds onwaarschijnlijker waardoor de
noodzaak voor een helm minder werd. De Franstalige L'Eplattenier ging romantische schilderijen van Zwitserse veldslagen als
inspiratie gebruiken. Het Zwitserse oorlogsdepartement zocht een stalen helm die vergelijkbaar was met
buitenlandse modellen in functioneren, terwijl de helm zich ook moest
onderscheiden door zijn esthetische kwaliteiten. De regering zelf had
nooit de officiële opdracht gegeven om deze helm te ontwikkelen. |
|
 |
De Zwitserse M17 van
L'Eplattenier |
bb |
 |
Experimentele helm van Dunand uit
1916, inspiratiebron voor L'Eplattenier(?) |
|
Het resultaat leek wat op de
Frans-Amerikaanse type helm "casque Dunand" uit 1916, echter dieper aan de zijkanten en
langer op het voorhoofd, terwijl het ook het karakteristieke Zwitserse
kruis droeg dat op het voorhoofd is gebosseleerd zoals te zien is op de
foto hierboven. De
uitneembare voering, wordt vastgehouden op een drager van rotan, erboven
zitten twee elkaar snijdende bogen met een klein kussen, dat het
hoofdgewicht van de helm ondersteunt. De helm werd voor het eerst
gepresenteerd aan het publiek op 15 september 1917, toen
commandant Tretoyens de Loys ermee poseerde in een
ongeautoriseerde fotoshoot die was opgenomen in een nummer van Schweizer
Illustrierte (foto hieronder). De helm werd, vooral door het Frans
sprekende deel, geprezen om zijn schoonheid, originaliteit en karakter.
Hij werd aangeduid als model M17. Ondertussen werd er in andere delen
van Zwitserland ook gewerkt aan een model helm. Een tweede versie van de
M17 werd nog
geproduceerd in 1918, waarbij het vizier kleiner werd. Dit model werd
ook verworpen vanwege het moeilijke productieproces en zou worden
vervangen door een eenvoudiger model. De nieuwe helm was zonder het
overbodig geachte vizier en reliëfkruis, waardoor het mogelijk is om het
te vervaardigen uit een enkele plaat nikkelstaal. |
|
 |
commandant Tretoyens de Loys |
|
Door interne strubbelingen werd er
uiteindelijk toch gekozen voor een helm naar Duits model. L'Eplattenier zag het nieuwe
model als een slechte imitatie van de Duitse Stahlhelm, zodat hij, na te
zijn afgewezen, in
1919 een
rechtszaak aanspande tegen de Zwitserse regering die hem 22.000
Zwitserse franken compensatie uitkeerde. De enige inzet van zijn helm kwam
op de dag van de Wapenstilstand, toen troepen toezicht hielden op de
voortgang van een algemene staking in Zwitserland.
Ook kreeg de firma Bremer Torfwerken uit
Berlijn een compensatie gezien het feit dat de nieuwe helm, volgens hen, slechts een imitatie was van
het Duitse model 16 met als argument dat het bescherming van cultureel
eigendom was. Verdere stappen naar de rechter bleven achterwege omdat ze
wel wat anders te doen hadden in 1919. Zie onderaan de pagina voor meer
afbeeldingen en een verhaal met veel details die ik vertaald heb uit het
Frans. |
|
 |
De oorspronkelijke M18 in zijn
groene kleur. |
|
De Duitstalige Kolonel Imboden van het Zwitserse leger
was nu formeel en officieël belast met het ontwerpen en maken van een nieuw
model
helm. Maar in werkelijkheid waren het Dr. Edward Gessler en eerste
luitenant Paul Böesch die het hele project hebben uitgevoerd.
Waarschijnlijk in dezelfde periode als de ontwikkeling van de M17. De
nieuwe helm was gemaakt van
1,5 mm dik mangaanstaal en dit solide model werd voor het eerst
experimenteel geproduceerd door de Werker-fabriek in Baden en vervolgens
door de Metallwaren Fabriek in Zug in oktober 1917. In tegenstelling tot
wat vaak te lezen is het niet zeker dat deze helm werd geïnspireerd door een
Amerikaanse proefhelm "model 5" maar hij is wel gelijktijdig ontwikkeld
en de Zwitsers kenden het model. De gelijkenis is opvallend. Wat verder
opvalt
is dat er geen proefmodellen van de M18 bestaan voor zover ik weet. Uiteindelijk werd de sterk op de Duitse
M16 gelijkende M18 in gebruik
genomen in het begin van 1918. Ook het interieur is opvallend gelijk aan
het Duitse model. Het uiteindelijke model werd de groene M18
op de foto
hierboven. |
|
.JPG) |
Zwart gespoten met zaagselverf
M18 uit 1943 |
|
Die nieuwe helm werd officieel
geïntroduceerd op 12 februari 1918 als «Model 1918». Hij was
olijfgroen gespoten en had een glad oppervlak. Maar er werden ook
tekortkomingen geconstateerd tijdens het gebruik in het veld. Op
maanverlichte nachten was de helm zichtbaar op 300 meter en een natte
helm refelecteerde het licht zoals goed te zien is op de foto
hieronder. Bovendien was er een geluid en gefluit
tijdens het rijden en fietsen door de tocht en bij koud weer een
onaangename ervaring zodat de soldaten de ventilatiegaten dicht maakten
of een muts onder de helm gingen dragen. |
|
 |
Duidelijk zichtbare helmen ten opzichte van de uniformen |
 |
|
Er zijn een aantal varianten die men meestal aanduid als
M18, M18/40, M18/43 en M18/63. De verschillen zijn eenvoudig te herkennen
aan de liner waarvan er drie soorten zijn. Er zijn twee soorten
helmschalen. Die van voor 1940 en die van na 1940, toen het visier wat
groter werd. De kinriem werd in 1930
veranderd zodat het sneller mogelijk was om een gasmasker op te zetten.
Dat eerste model kinriem kom je nog maar zeer zelden tegen. De nieuwe kinriem met
verende haak bleef tot ongeveer 1975 in gebruik. In 1936 kwam er een blauw-grijze
gladde variant voor andere afdelingen dan het leger. Argentinië is het enige land dat
de helm in gebruik heeft genomen als M38 maar in de oorspronkelijke
groene kleur. Daar kregen ze allemaal weer een
andere kleur en werd daar dus de M38 genoemd. Hieronder de foto. Brazilië kreeg
wat exemplaren om uit te proberen maar hebben ze nooit in gebruik
genomen. |
|
 |
Argentijnse M38 in groene politie kleur overgespoten |
|
De helmschaal van de M18 werd in 1940 aangepast zodat het vizier wat
groter werd maar de dichte ovale liner bleef. Dit was nodig om de inmiddels verbeterde bewapening
te kunnen gebruiken. Tot die tijd waren ze dus groen. In 1943 werden ze
(bijna) allemaal Zwart gespoten met lijm en zaagsel en soms zand of kurk in de verf
omdat ze nog steeds te zichtbaar waren. Vaak hielden ze aan de
binnenkant nog de groene kleur. Dan is de schaal dus van voor 1940.
Ook de ringvormige voering of liner werd in 1943 aangepast tot een U vorm
waardoor de ventilatie verbeterd werd. Na 1943 bleef hij in veel
verschillende kleuren in gebruik door alle eenheden van het leger,
politie en de brandweer. Je kunt ze dus tegenkomen in twee verschillende
modellen en met drie verschillende voeringen en met verschillende
helmhoezen. |
|
 |
Een deel van mijn collectie, links de groene helmen van voor 1940. |
|
.JPG) |
Brandweerhelm van na 1940 uit
Zürich |
|
De brandweer M18 is altijd
glad en meestal zwart met aan de voorkant een gat om een logo of gemeentewapen
in te monteren. In 1963 kwam er een driedelige en iets eenvoudiger leren
liner voor alle modellen zodat de gaten in het leer niet meer konden
uitscheuren. Of de oude helmen met een nieuwe liner werden bekleed is
mij niet bekend. De aluminium M18 kreeg in 1948 een eigen goedkoper model liner.
Er waren zelfs plastic en leren uitvoeringen van de M18.
Veel helmen zijn tijdens het gebruik aangepast of hebben een andere
kleur gekregen. Vaak zijn helmschalen en voeringen uit verschillende
jaren. |
|
 |
Motorhelm M48, voor 1971,
Zwitserse productie |
|
Naast de M18 werden
er in 1948 13.377 Engelse helmen geïmporteerd uit Belgische en Engelse legerbestanden.
Die waren bedoelt voor de voertuigbemanningen en motorrijders. Dat
waren aanvankelijk twee modellen met verschillende liners die ook in
België werden gebruikt. De gekochte modellen werden snel
opgevolgd door in Zwitserland zelf geproduceerde helmen van bijna hetzelfde model.
Ze zijn te herkennen aan het aantal klinknagels. De Engelse helmen
kwamen in drie maten maar de Zwitserse in één maat. In 1962 werd de liner gemoderniseerd en in alle voorradige
helmen geplaatst. Die worden de M48/62 genoemd, foto hierboven. De M48 was bedoelt voor
gebruik in voertuigen en de motorrijders hadden een leren
nekbeschermer. Oorspronkelijk waren ze allemaal zwart maar na 1971
kwamen er ook groene exemplaren gelijk aan de kleur van de M71. De M48
voor de voertuigen werd in diezelfde tijd vervangen door een leren Frans
model. |
|
 |
M71 uit de eerste, gladde,
productie |
|
De M18 helm is tot
ongeveer 1973 (andere bronnen zeggen 1975) uitgegeven aan de militairen
maar werd opgevolgd in 1976 door de M71,
foto hierboven. De M18 bleef nog lang door diverse diensten in gebruik
na de invoering van de M71.
De M71
wordt vaak te koop aangeboden als parachutistenhelm wat niet juist is.
Daar werd de M48 gebruikt en na 1971 kregen die een Franse
"Gueneau type 202". Door de tankbemanningen POPOV genoemd want die
gebruikten hem soms ook. De M71 werd ontwikkeld vanaf einde
jaren zestig en was eigenlijk al klaar in 1971. Pas in 1976 werden ze
daadwerkelijk aan de eenheden uitgereikt. Het eerste jaar nog zonder
zaagsel zoals bij de M18. De M71 heeft nooit het respect
verdiend die hij eigenlijk moet krijgen. Het is een degelijke en lekker
zittende modellen die goed gemaakt zijn. In de jaren 80 ging ook Zwitserland over op kunstof modellen
veelal uit Duitse productie. |
|
copyright Ben van Helden (c) Alle
rechten voorbehouden 2023 |
|
 |
|
 |
|
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
|
|
Gevonden en vertaald uit het
Frans en wat aangepast na wat nieuwe inzichten. Leuk om te lezen hoe dingen gaan in Zwitserland:
"De Federale Raad heeft vanmorgen de ontwerphelm voor het leger
goedgekeurd op basis van het L'Eplattenier-model", kondigde een krant in
Lausanne (d'Avis de
Lausanne) aan op 5 januari 1917. We zullen
onmiddellijk beginnen met de productie van 200.000 helmen." Dat is omdat
de Zwitserse soldaten in 1914 werden gemobiliseerd met als enige
hoofbedekking de vilten kepi
model 1888 met leren vizier en pompon. Officieren, die de
hoofden van hun mannen wilden beschermen, stelden voor om de stalen helm
in te voeren, maar de zaken sleepten zich voort. Commandant van de 2e
divisie, kolonel Treytorrens de Loys (geboren in 1857) nam
in 1916 het heft in eigen handen en plaatste een bestelling bij de
Neuchâtel schilder en beeldhouwer Charles L'Eplattenier (1874-1946),
de maker van patriottische fresco's in het
Château de Colombier.
De
eisen zijn duidelijk: afgeronde vormen, ventilatie, gewicht,
bescherming van de nek, slapen, ogen en gezicht. L'Eplattenier
gaat aan de gang met tekeningen, modellen en varianten, die hij voorlegt aan
specialisten. Voor hem moet het militaire hoofddeksel effectief zijn
zonder de esthetiek te verwaarlozen. Zijn helm wordt gekenmerkt door
vloeiende lijnen, een groot Zwitsers kruis op de voorkant en krullen aan
de zijkanten met twee openingen daarin om een vizier of rooster te kunnen
bevestigen. "Hij wist hoe hij de helm lijn moest geven die zowel
krijgshaftig als niet te zwaar was". Het gewicht is ongeveer 900 gr. En
de kostprijs moet lager zijn dan die van de kepi, die als ineffectief
wordt beschouwd. Tweehonderd exemplaren werden gemaakt en voor testdoeleinden aan
de soldaten van de 2e divisie gegeven. Trots om het
brein en initiatiefnemer achter deze innovatie te zijn, liet De Loys zichzelf fotograferen
met het prachtige hoofddeksel.
Geconfronteerd met de goede resultaten van de veldproeven en de gunstige
conclusies van het rapport van de chef van de algemene rechtspraak,
keurde de Federale Raad het daarom goed in zijn vergadering van 5
februari 1917. 168.000 waren gepland voor de infanterie, 7.000 voor
cavalerie, 12.000 voor artillerie, 8.000 voor ingenieurs en 5.000 voor
vestingtroepen, ten koste van 10 fr. per helm. Het zal echter nooit in
die hoeveelheden worden geproduceerd, tot ergernis van
L'Eplattenier.

Dat had verschillende oorzaken. Eerst het metaal.
Midden in een oorlog, onderworpen aan de dubbele blokkade van de
strijdende partijen, had Zwitserland geen staalplaat van 0,7 mm.
“In afwachting van de aankomst van het benodigde metaal, waarvan
Engeland ons zojuist een kleine hoeveelheid heeft gestuurd, verklaarde
de krant in oktober 1917, werkten we om de mallen voor te bereiden
om snel over te kunnen gaan tot de fabricage van de beroemde helm.
Patatras: het is pas dan dat men zich realiseert, zo lijkt het, dat "de
harmonieuze lijnen" van de Neuchâtelois het persen in één stuk van het
object bemoeilijken. De proefmodellen van de tests werden uitgevoerd in
twee delen die vervolgens aan elkaar werden gesoldeerd.
Maar toen, op 4 september, stierf Treytorrens de Loys vrij plotseling. De beschermer van L'Eplattenier is weg, zijn tegenstanders
pakken deze kans. De kepis-fabrikanten zijn de meest
meedogenloze, zij schatten de komst van een nieuwe concurrent voor
hoofddeksels somber in.
Daar kwam nog bij dat veel soldaten er een hekel kregen om met 5.000 man naar La Chaux-de-Fonds la rouge (de stad waar de kunstenaar
woont) te worden gestuurd om de stad te bezetten tijdens demonstraties in mei 1917.
L'Eplattenier is trots zijn op zijn Franse afkomst en is daarom
achterdochtig voor bepaalde Duitsgezinde officieren, die waren wat
anders van plan. Deze partij werd vertegenwoordigd door
een directe concurrent in de persoon van kolonel Imboden, die zijn
eigen, meer utilitaire project heeft ontwikkeld dat hij nu tevoorschijn kan halen. Er werd toen gezegd dat het
ontwerp van Imboden duidelijk geïnspireerd
was door de Duitse helm, maar het kan zijn geïnspireerd door de
Amerikaanse testhelm model nr. 5, die de aandacht had getrokken van de
Kriegstechnische Abteilung, het bureau in Bern dat verantwoordelijk was
voor de oorlog.
De Federale Militaire Dienst van Vaudoisin de persoon van Camille
Decoppet, opzij gezet door De Loys, neemt wraak. In oktober 1917
beveelde hij
L'Eplattenier om zijn werk op te geven en te kiezen voor de M18. De controverse
barst los. Sommige kranten bekritiseren de technische dienst van het
leger omdat ze een artistiek object, typisch Zwitsers, hebben afgewezen
om te kiezen voor een imitatie van het het model van de grote noorderbuur.

"Een coalitie van belangen en vooroordelen heeft een paar hooggeplaatste
persoonlijkheden kunnen omzeilen", schrijft de Lausannese krant, die een
standpunt inneemt dat is ingenomen door La Liberté de Fribourg. Toen in
februari 1918 de Bondsraad definitief de helm van kolonel Imboden, het
"Model 18" met zijn karakteristieke vleugels aannam, schreef de Tribune
de Lausanne: "Als de Zwitserse helm niet is 'nagegoten', in enge zin,
van
de Duitse helm, (…) dan lijkt die er wel erg veel op”
L'Eplattenier ging akkoord met een vergoeding van 22.000 frank. De kepi
zal uit de uitrusting verdwijnen als de voorraad op is. En de "M18" helm
zal een geweldige carrière hebben, aangezien er meer dan 600.000
exemplaren van zullen worden gemaakt en door onze soldaten zal worden
gedragen tot... 1975.
|
 |
 |
copyright Ben van Helden (c) Alle
rechten voorbehouden 2023 |